Na een erg warm weekend werden de duiven van Agen op maandagochtend gelost. Na het optrekken van de ochtendnevel gingen de manden om 8.45 uur los. Op de dag van lossing vielen logischerwijs tientallen duiven in Frankrijk en wat minder in België. Nederland was voor de duiven te ver om op maandagavond thuis te komen. Daar hebben de Nederlandse duiven iets op gevonden … namelijk in de nacht doorvliegen … Ook na een dag lang vliegen. Daardoor kleurt de kop van de Internationale uitslag rood-wit-blauw. De snelste duif van deze nachtelijke doorvliegers hoort thuis in Westerhaar-Vriezenveen bij Raymond en Germa Niks. Na een geweldig jaar 2025 zetten ze deze lijn door met de Internationale Overwinning op Agen tegen 23.191 duiven. Natuurlijk slepen ze hiermee ook de Nationale en FondUnie 2000 overwinning binnen.

De stam
Raymond spelen pas enkele jaren op de marathonvluchten. Ze hebben hun stammetje als volgt samengesteld. Raymond vertelt hierover: ‘In 2020 zijn we begonnen met duiven van Robin Bakhuis (soort Robin), Comb. Niks (mijn ouders) en Rekkers-Westra. In 2022 heb ik een dochter uit ‘de 999’ van Wim Weerink gekocht. Uit deze duiven heb ik inmiddels al een paar goede duiven gekweekt.
De meeste toppers voor de ochtendlossing en middaglossing komen uit de ‘Gijsduivin 709’. Dit is een dochter van de superkweker van Robin Bakhuis en is gekocht via een bon van onze vereniging in 2017. In 2017 had ik nog programma duiven, dus ik heb deze duif 3 jaar lang als ‘voedselduivin’ gebruikt. Ik had wel één dochter van 2018 uit deze kweekduivin gekweekt en in mijn vliegploeg (15 duivinnen) zitten, maar haar in 2019 en 2020 niet gespeeld op de marathon. Toen we in 2021 met jaarlingen begonnen, had ik maar één duif voor St. Vincent. Laat deze duivin van 2018 dan net 2e in NIC Sibculo vliegen. Ook vanuit Bergerac draaiden we in 2022 een jaarling rechtstreeks uit deze kweekduivin voorop.
Inmiddels is ze met verschillende doffers moeder van vele toppers op ons hok. Voorbeelden zijn ‘de 810’ (‘de 811’ was ook topper, helaas gesneuveld), ‘de 892’, ‘de 478’en ‘de 841’. Ook de volgende generatie kweekt al goed door. De 3e van de sector 3 van Cahors tegen 5.000 duiven is een kleinzoon uit deze kweekduivin.
Naast deze vaste stam zitten er verschillende ‘losse’ duiven in het hok, die worden getest of ze goed genoeg zijn om in de stam te kruisen. ‘Queen Agen’ is voor deze taak geslaagd!

Het seizoen
Hoe ziet het kweekseizoen eruit? Raymond: ‘De vliegduiven worden in de eerste week van februari gekoppeld, zodat ze eind maart/begin april op weduwschap kunnen gaan. Net voor de eerste officiële vlucht van onze afdeling zijn alle duiven gescheiden en zitten ze op weduwschap. In principe brengen alle duiven minimaal één jonge duif groot en soms ook wel twee, als de duiven gezond zijn moet dat geen probleem zijn.’
Raymond en Eva zijn in 2026 begonnen met 35 jaarlingen, 30 twee/driejarigen. Voor henzelf hebben ze dit jaar 100 jonge duiven gekweekt. Naast de vliegduiven hebben ze 14 koppels kweekduiven.
De vliegduiven worden ingespeeld op weduwschap. Ze zitten dan vanaf half maart gescheiden. Drie weken voor de eerste marathonvlucht wordt een deel gekoppeld voor de eerste marathonvluchten. Daarna blijven de duiven gekoppeld tijdens de resterende vluchten.
Raymond over de opleiding naar het marathonduivenseizoen: ‘Voor de aanvang van het seizoen breng ik de duiven tweemaal weg. Daarna gaan ze mee op alle programmavluchten. Als ze op weduwschap zijn, dan zien de partners elkaar niet eerder dan bij thuiskomst. Ik probeer de duiven voor de eerste marathonvlucht op 10-12 dagen broeden in te korven. Ik wil bij sommige duivinnen wel eens een kaal jonkie (avond voor inkorven) erbij leggen. Voor de tweede marathonvlucht probeer ik de duiven wederom op eieren van 10 dagen of een jonkie van een dag of 6-7 in te manden.
Eén van belangrijkste momenten van de voorbereidingen zijn de laatste paar dagen voor inkorving. Ik probeer de duiven drie dagen voor inkorven van een marathonvlucht, nog een de trainingsvlucht te geven van circa 60km. Dit voor de motivatie en dat ze voldoende blijven eten.’

De opleiding en training
Raymond vervolgt zijn verhaal: ‘Na thuiskomst op de trainingsvluchten (programmavluchten) worden de duiven zo snel mogelijk gescheiden en gevoerd. Dit om zorg te dragen dat de duiven zo snel mogelijk herstellen van de wedvlucht. Na het scheiden van de partners gaan de duiven pas goed eten. Daarom laat ik de duiven ook nooit een nacht bij elkaar.
Zondagochtend gaan we zowel de doffers als duivinnen tegelijk los, verplicht een half uurtje vliegen en daarna samen in bad. Na een uurtje worden ze binnen geroepen krijgen ze wat snoepzaad en worden daarna weer gescheiden, afgevoerd en verder niet meer los gelaten op de zondag.
Nadat de duiven halverwege maart op weduwschap zijn worden ze ‘s avonds (of aan het eind van de middag) eenmaal daags losgelaten. Zowel de doffers als duivinnen moeten verplicht één uur vliegen met de vlag erop. Vanaf begin mei worden de duivinnen in de ochtend ook losgelaten … de doffers niet. Simpelweg omdat ik hier geen tijd meer voor heb vanwege mijn werk.
Zodra de duiven zijn gekoppeld moeten alle duiven ochtend verplicht een 1,5 vliegen. In de avond een klein uurtje verplicht en mogen daarna nog even ouwehoeren op het hok. In de ochtend moeten ze wel direct naar binnen. ‘s Ochtends worden de duiven tussen 05:30 en 06:00 uur losgelaten en avonds vanaf 19:00 uur.
Afgelopen jaar heb ik ook deelgenomen aan de africhtingvluchten georganiseerd door onze afdeling. Dit betekende dat de duiven zowel dinsdag een vlucht van 200km hadden en de zaterdag ook een vlucht. In combinatie met dit intensieve trainingsschema en tweemaal per week een vlucht hebben de duiven flink trainingsblok gehad voor de marathonvluchten. Zodra de duivinnen gaan leggen wordt er gestopt met deze wijze van intensief trainen en zijn alleen de trainingen ochtends verplicht. Ik denk wel deze manier van trainen heeft bijgedragen dat mijn duiven kort voor de marathonvluchten in vorm zijn gekomen en door het goed doceren van de voeding (voldoende) in vorm zijn gebleven.
Mijn duiven gaan dus in het voorseizoen zo veel mogelijk in de mand, maar zodra de marathonvluchten beginnen gaan ze niet meer mee op de programmavluchten. In de praktijk betekent dit dus dat maximaal 2 midfondvluchten mee gaan en dan is het klaar. Daarna gaan de vliegduiven weleens mee op een trainingsvlucht met 1 nacht mand of ik breng ze zelf een stuk weg (100 km). De belangrijkste reden is dat de duiven voldoende trainingsuren hebben gemaakt op de vluchten, maar ook wil ik geen risico lopen met besmetting in de mand vanwege 2 nachten mand.
Afgelopen jaar heb ik de duiven eerder gekoppeld vanwege deelname aan de middaglossingen. Dit seizoen heb ik me volledig gericht op de ochtendlossingen. Dan blijven de duiven langer op weduwschap wat het voor mij minder makkelijk maakt i.v.m. niet tegelijk loslaten van de doffers en duivinnen.

… wordt vervolgd …