Dat er binnen een week twee marathonvluchten zijn met een gelijke strekking blijf ik apart vinden. De duiven die op de ene vlucht worden ingezet, kunnen niet naar de andere vlucht. Hierdoor wordt de grote van het concours van een Bergerac onthoofd. Het is inmiddels al meerdere jaren zo en het is dus niet anders. De winnaar van Perigueux 2025 in de Noordelijke Unie (sector 3 en 4) verdiend een hoop eer en lof. Hij is namelijk de concurrentie een paar uur te vlug af. Deze duif heeft in de nacht kilometers gemaakt om zo vroeg mogelijk thuis te kunnen zijn. Een topprestatie !!! De eigenaar van deze klasbak is Pieter Guelen uit Wijchen. Hij is met afstand de winnaar van de versie van 2025 van Perigueux. Een soort van revanche op St. Vincent van een paar jaar terug, waar Pieter met een klein verschil niet de Nationale winnaar werd, maar het moest doen met de overwinning in de mooie competitie van de Marathon Noord en de 2e prijs in de sector en Nationaal. Nu gaat hij er wel met de overwinning van door!
De winnende liefhebber
De overwinning op Perigueux gaat naar Wijchen … naar Pieter Guelen. Deze inmiddels 66-jarige liefhebber was tot voor een paar jaar terug eigenaar/directeur van een middelgroot schildersbedrijf. Pieter is als jong kereltje, in 1966, besmet geraakt met het postduivenvirus door de buurman. Pieter: ‘In onze straat woonden zeven duivenliefhebbers. Ik startte in de jaren met krijgertjes van Jan en Alleman. Dat waren toen duiven zonder enige noemenswaardige achtergrond.’
We nemen een sprong in de tijd naar het heden. Op de achterplaats van zijn voormalige schildersbedrijf staan twee originele Martin van Zon hokken. Pieter: ‘Het is kopieën van zijn hokken in Berkenwoude. Daarnaast staat een soortgelijk (niet geheel gelijk) hok voor de weduwduivinnen. Het hok links is 7,5 meter breed en 3,5 meter diep en is verdeeld in 3 afdelingen. Linkse voor 16 koppels jaarlingen, middelste hok de oude vliegers met 32 broedbakken, waarvan er in het begin max. 24 bezet zijn. En het rechtse deel is ook voor oude vliegers met 24 broedbakken, waarvan er eveneens een deel (max. 16), in het begin bezet zijn. Dus start ik met totaal zo’n 50-55 vliegkoppels. Daarnaast staat los een weduwduivinnenkooi waar 50-55 duiven in kunnen van 2,5 bij 2,5 meter. Dit hok wordt alleen gebruikt in april-mei-juni. Aan de andere zijde staat een hok van 6 meter bij 3,5 meter die verdeeld is in een hok van 4 meter breed voor 80-100 jonge duiven en een afdeling van 2 meter voor wat oude vliegers en paar late jongen.
Mijn huidige stam is opgebouwd, sinds 2008 (na de herstart ivm met paratyfusuitbraak), met rechtstreeks gehaalde duiven bij Jan Ernest uit Steenbergen. Hierbij zijn de laatste 5 jaar een 4 tal duiven uit het basiskoppel van Albert Poulisse ingekruist. Vervolgens is er nog een 1 duivin van Jeroen van Heumen ingekruist uit de oma van de winnares van Perigueux. Dit is ‘de 199’ van 2013, een rechtstreekse dochter uit ‘de Barca 621’, gevlogen door de Gebr. Jacobs en gekweekt door Gerrit Veerman (uit zijn ‘Betuwekoppel’) met zijn eigen dochter. Tevens zit er nog een topkweker van Benno Kastelein, een kleinzoon van ‘de Saar’ van Jellema, in verweven. Deze duiven zijn gekruist met het ingeteelde soort van Jan Ernest, dit heeft geresulteerd in taaie en snelle vliegduiven voor zowel de ochtend- als de middaglossingen.’

Het seizoen
De laatste jaren wordt er gestart met ruim 100 vliegduiven. Naast de vliegers heeft Pieter ongeveer 20 kweekkoppels. Deze duiven worden verzorgt door Piets duivenmaat Marcel Diesveld, zelf ook tweevoudig Nationaal overwinnaar. Pieter: ‘Hij fokt bijna al mijn jonge duiven. Hij kan door werkzaamheden in de weekenden zelf niet meer meevliegen. Dit is een gouden combinatie zo.’
Pieter koppelt de vliegduiven eind maart. Ze mogen dan geen jong grootbrengen, maar Pieter laat ze doodbroeden. Daarna gaan ze 4 tot 6 weken op dubbel weduwschap (de jaarlingen 8 weken). Vervolgens worden de vliegers gekoppeld, zodat de duiven op de eerste overnachtvlucht op 14 dagen broeden of op een jong van 3-4 dagen zitten.
Bij de start van het vliegseizoen gaan de duiven elke week mee tot 10 dagen voor de inkorving van de eerste marathonvlucht. Pieter: ‘Tussen de vluchten door breng ik ze zelf weg of probeer ze met africhtingen voor de jonge duiven mee te geven. Ik moet er wel bij zeggen dat ik in april een week op vakantie ben geweest en begin mei ook een week. Toen zaten ze thuis en zijn de duiven niet los geweest.’
De Beleving
Pieter vertelt over hoe de duivensport beleeft en met wie hij spart: ‘In de maanden april t/m september beleef ik de duivensport heel intens: met 3-4 uur per dag aandacht voor de duiven. Buiten deze periode een stuk relaxter met maar 1 uur per dag.
Mijn gezin is er totaal niet bij betrokken. Mijn vrouw vindt dat ik er veels te veel tijd aan besteed, maar begrijpt volledig dat het mijn passie is. Andere liefhebbers waar ik mee samenwerk zijn, zoals eerder vermeld Marcel Diesveld, die mijn volledige kweek uit handen neemt. Verder hebben wij in Wijchen een geweldig groepje overnachtvliegers zoals Andre Driessen en Jos Janssen verder Ad van Heyst en Berry Awater en als laatste Ton Willems. Deze liefhebbers steunen elkaar enorm en sparren regelmatig met elkaar. Ook Jeroen van Heumens uit Oss (oud Wijchenaar) mag ik hierin niet vergeten.
We doen samenkweek met elkaars beste duiven en we ruilen onder elkaar jonge duiven e.d. Hierdoor hebben we met elkaar reeds 12 Nationale overwinningen behaald en vele top tien noteringen. De gunfactor naar elkaar toe is erg hoog. Dit zorgt voor een geweldige sfeer onder elkaar en we zijn een tegenhanger van de afgunst die toch vaak nog door ons op andere plaatsen wordt ervaren.
Genieten van je duiven en van de mooie prestaties van je duivenvrienden en van jezelf blijft het mooiste van onze hobby.’
… wordt vervolgd …
Recente reacties