Het spel op de marathonvluchten heeft Internationaal veel aanzien door de mooie concoursen met een ochtendlossing. Op deze vluchten floreren duivenliefhebbers uit veel landen van West Europa: Nederland, Duitsland, Frankrijk, Groot Brittannië en natuurlijk uit de bakermat van de duivensport België. In 2024 hebben we op Het Marathonduivenjournaal aandacht geschonken aan de topper van dat jaar, Etienne Meirlaen. In datzelfde jaar en ook in het laatste seizoen 2025 maakten ook vader en zoon (Paul en Sven) Saeytijdt mooie uitslagen met hun duiven. Deze toppers zijn al tientallen jaren zo sterk dat er rekening met hen gehouden dient te worden. De seizoenen van 2024 en 2025 waren zo sterk dat dit meer dan bevestigd werd. Hoog tijd dat ze eens worden voorgesteld aan de lezers van Het Marathonduivenjournaal.

De liefhebbers
Paul en Sven Saeytijdt zijn zelfstandigen in de bouw en ze wonen in Oost Vlaanderen, in Brakel. Brakel is een gemiddeld dorp met 15.000 inwoners tussen Oudenaarde en Geraardsbergen, bekende plaatsen uit de wielerklassiekers in Vlaanderen, zoals Flanders Mooiste.
Vader Paul is opgegroeid tussen de vogels en de duiven, maar is nooit actief geweest in de duivensport tot aan 1980. Bij schoonvader Marcel zaten slachtduiven. Dat was een aansporing om wedstrijdduiven te gaan nemen en hiermee te gaan spelen. De eerste postduiven kwamen van allerlei liefhebbers (vrienden en kennissen) van links en rechts. In de beginjaren werd er vooral op de snelheid gespeeld (vitesse en soms midfond). Ook op deze discipline waren er successen te noteren. In het laatste decennium van de vorige eeuw werd stapje voor stapje de weg ingeslagen naar het zware werk … de marathonvluchten. Dit gebeurde na het inbrengen van duiven van Robert de Springer uit Opbrakel (een specialist op de Koningsvlucht Barcelona) en de Gebr. van Schoorisse. De duiven van deze liefhebbers werden tegen elkaar gezet en de stap naar de Marathonvluchten was een feit.
In die periode, de jaren ’90, werd Paul zelfstandige in de bouw. Hierdoor was er minder tijd voor de duiven. Geluk was echter dat zoon Sven helemaal gek was van de duiven. Zodoende werd besloten enkel met de jonge duiven te gaan spelen en tijdelijk minder duiven te gaan houden. De start was heel sterk en er werd al snel besloten een beperkt aantal jaarlingen op totaal weduwschap te gaan spelen. De doffers voldeden in dit systeem heel goed en zo werd er een vliegende start gemaakt.
In 1995 sloeg het noodlot toe. Tijdens een training van de jonge duiven ging bijna de gehele ploeg van 75 jonge duiven verloren. Dat hakte er bij Sven behoorlijk in en zijn leraar (Sven was nog student) ontging dit niet en bood hem een oplossing aan. Hij bood hem aan een 25-tal jonge duiven te leveren die hem terug op weg zouden helpen. En dat laatste bleek ook zonder meer het geval. Deze docent was niemand minder dan Luc van Coppenolle uit Ouwegem, sinds jaar en dag een groot kampioen op de zware fond. Ook toen hadden veel Nederlandse liefhebbers succes met de duiven van leraar Luc.
In de jaren erna werd de basis aangevuld met duiven van het Carteus-soort en later met duiven van de Gebr. Van de Walle uit Zwalm, Druwez Denis uit Everbeek, Collet-Dubois en enkele anderen. Met regelmaat werd vanaf het seizoen 2000 een duif in de eerste 100 nationaal geklokt en uiteindelijk kwam in 2010 de grote doorbraak met de 2e nationaal Pau met een 100% van Coppenolle-duivin. Dit was de ‘Blauwe Pauduivin’, die zich later zou ontpoppen als de absolute stammoeder van de Saeytijdt-kolonie.

Daarna ging het snel beter en beter met in 2012 een 3e nationaal Barcelona. Ze werden tevens winnaar van de prestigieuze Zilveren Vleugel in de Brugse Barcelona Club. Deze werd behaald door ‘Blauwe Barcelona’ (75% van het soort van de Gebr. van de Walle met 25% Luc van Coppenolle). Later in 2012 werd eveneens de 4e nationaal Perpignan gewonnen met de ‘Asgrauwe Libourne’ (Van Coppenolle 75% x Carteus 25%). De ‘Asgrauwe Libourne’ zou later uitgroeien tot de stamvader van de Saeytijdt-dynastie. De ‘Asgrauwe Libourne’ werd gekoppeld aan de ‘Blauwe Pauduivin’ en hiermee was het ‘Gouden Koppel Libourne-Pau’ geboren. Nakomelingen van de ‘Gouden Koppel’ vliegen in gans België en Nederland in de absolute top van de uitslagen op de zware fondklassiekers.
In dezelfde periode waarin versterking werd ingebracht van de sterke Florizoone-duiven via de Nederlandse combinatie Peet & Paloma Solleveld. Deze duiven kwamen via Luc van Coppenolle. Daarnaast kwamen er duiven van Team Vollebregt uit Wassenaar, die al jaren horen tot één van de beste Barcelona-hokken in Nederland met o.a. ‘De Kilometervreter’ en de ‘Nieuwe Tarzan’. Louis werd een echte vriend van de familie Saeytijdt.
Enkele jaren later werd de ‘Peiren-duif’ ingebracht via Saarloos & Zoon uit Klaaswaal. Dat leverde een echte TOP-kweker op. Deze doffer werd vader van ‘Miss Perpignan’ en daarbij kwamen er ook nog ‘Peiren-eitjes’ via vriend Louis. Dit leverde vanaf 2020 tot nationale top 5 klasseringen op de Zware Fond met 5 verschillende duiven. Naast deze kopprijzen werd er ook nog eens 50 maal in de Nationale top 50 gespeeld.

…wordt vervolgd …