Naast St. Vincent hebben sector 1 en 2 nog een middaglossingsvlucht met afstand. Toen Dax werd vervangen door Cahors verdween een klassieker van het Nationale Programma. Dat Cahors in een, voor duiven,  vervelend landschap ligt, doet er blijkbaar niet toe. Er wordt met een liniaal een afstand berekend en die is ongeveer 100 km korter dan Dax en dan hebben de Noordelingen in Nederland niet zulke enorme afstanden. Dat de omstandigheden onderweg (de eerste paar 100 km) veel lastiger zijn … dat weten de makers van het programma niet en het gros van de deelnemers ook niet. In sector 1 en 2 hebben ze toen in hun programma Tarbes of Dax toegevoegd, zodat er toch een marathonvlucht met een fatsoenlijke afstand naast de Top Klassieker St. Vincent blijft bestaan. In 2025 is de snelste duif van beide sectoren eigendom van Chris Paauwe uit Kruiningen. Voor Chris is dit zijn derde grote titel in dit decennium. Een prachtig rijtje met titels!!!

De winnende liefhebber
De winnaar van Tarbes is de inmiddels 59 jarige Chris Paauwe uit het Zeeuwse Kruiningen. Chris werkt al jaren als ZZP-er. Zijn werkzaamheden zijn op het gebied van financiën, control en bedrijfsvoering. Hij heeft zijn eigen bedrijf hierin genaamd PaauweSupport. Chris is in de duivensport terecht gekomen via zijn vader. Chris: ‘Hij had duiven en zodra ik kon lopen ging ik mee in het duivenhok. Vanaf die tijd heb ik samen met mijn vader gespeeld. Pas vanaf 2004 speel ik zelfstandig op mijn eigen adres en richt ik me volledig op de marathonvluchten.’ Van wie kwamen de eerste duiven? Welke bekende rassen hadden deze duiven als achtergrond? Chris vertelt: Ik ben begonnen met 12 duiven van Eijerkamp via de meubelformule. Met name met kleinkinderen van de Black Giant en met een zoon van de Daxter ben ik succesvol geweest (en nog). Later zijn er ook duiven bijgekomen van melkers die ook goed presteerden maar waar anderen ook goed mee vlogen. Zo heb ik in 2010 en 2011 al mijn eerste rechtstreekse Jellema duiven aangeschaft en jaarlijks wordt dat met 1 of 2 rechtstreekse aangevuld. Verder zitten er soort van Ko van Dommelen, Jos Pepping en Arjan Beens en inmiddels heb ik ook diverse duiven van Jo van Schijndel en Znn waar ik de vader van mijn ‘Thunderqueen’(1e Int Narbonne jrl 2022)  op een bon heb verkregen. Daarna hebben we duiven geruild is aan samenkweek gedaan. Uit een duifje van die samenkweek komt dit jaar de 1e Nat Bressols S1a tegen 2.736 duiven en 2e Nat Bressols S1 tegen 6.517 duiven. Verder ben ik ook goed geweest met duiven, soms gekregen, soms rechtstreeks gekocht en soms via bonnen van o.a. Frans van Somers,  Benno Kastelein, Tonnie Kaspers, Jan Morsink en Eric Limbourg.’ Hoeveel meter hok heeft u tot uw beschikking en hoe zijn de afdelingen verdeeld? Onze Zeeuwse vluchtwinnaar: ‘Mijn hok is 7,5 m lang en 1,80 m breed verdeeld in 2 afdelingen van 1,20 m breed en 2 afdelingen van 1,80 breed. Een hokje van 1,20 m breed is voor de kwekers met ren van 1,50 m diep en van 1,80 m voor de jongen met een ren van 1,50 diep ervoor. Voor de vliegers heb ik ook een hokje van 1,80 m en een van 1,20 m breed.’

Het seizoen
De huidige stam bestaat veelal uit Jellema-duiven (rechtstreeks en via een bon van andere goedspelende liefhebbers), duiven van het (inmiddels oude) Eijerkamp-soort en Ko van Dommelen. Daarnaast heeft Chris ook duiven (rechtstreeks of via, via) van Arjan Beens, Jos Pepping, Benno Kastelein, Jan Morsink, Tonnie Kaspers en Jo van Schijndel en Znn.
Chris over de opbouw van zijn seizoen: ‘Ik start het seizoen met ca. 100 vliegduiven. Dit is inclusief ca. 50 jaarlingen. Daarnaast heb ik ongeveer 30 koppel kweekduiven.
Alle duiven (vliegers en kwekers) zijn gekoppeld rond de kerst. De kwekers blijven dan t/m augustus bij elkaar. De vliegers mogen vrij paren en worden medio maart gescheiden en dan op totaal weduwschap ingevlogen.
De duiven gaan in principe vanaf de eerste vlucht wekelijks mee tot het weekend van de eerste dagfondvlucht. Dan worden ze gericht gekoppeld. Over het algemeen vliegen de duiven 8 dagen voor inkorving van de marathonvlucht nog een vlucht van 100 of 200 kilometer. Ze zijn dan ca. 7 of 8 keer mee geweest en hebben 1.500 tot 2.000 invlieg kilometers in de vleugels.
In de voorbereiding zaten verschillende weekenden met Noorden wind en een voor die periode van het jaar hoge temperatuur. Ik heb geprobeerd de duiven goed voor te bereiden door extra te letten op voldoende vetrijk voer zodat ze de reserves goed aan kunnen vullen. En na thuiskomst goed te laten herstellen voordat ik ze weer inkorf. Maar dat doe ik eigenlijk altijd wel.’

… wordt vervolgd …