2022 was een mooi seizoen met prachtige vluchten. Eentje niet … maar daar praten we niet meer over. Uiteindelijk is daarbij de schade ook mee gevallen, maar zo’n lossing mag NOOIT meer gebeuren! In dat, voor de rest, prachtige seizoen vielen twee namen mij in het bijzonder op. Het waren twee jonge gasten, één uit Zeeland en een Zuid-Hollander. De laatste is de hoofdrolspeler in dit verslag en de eerste in een ander verslag. Sil van Vliet uit het Zuid-Hollandse Ter Aar liet al enkele jaren zien over een geweldige stam duiven te beschikken. De duiven lieten dat zien op verschillende marathonvluchten met een middaglossing. Een mooi voorbeeld was St. Vincent 2020. In 2022 wilde Sil, als test voor zijn duiven, een seizoen zijn duiven op de ZLU-vluchten spelen. Het was nog geen definitieve overstap … je moet jezelf niet vastpinnen, maar keuzes maken die je op dat het leukst en/of het makkelijkst vindt. Deze keuze pakte goed uit! Sil pakte met zijn duiven verschillende kopprijzen op de meeste vluchten. Hij won bijvoorbeeld ook tweemaal in 2022 het concours van de zeer sterke competitie van de Fondunie 2000. Tweemaal een vlucht winnen in één seizoen tegen deze kalibermtegenstanders hebben maar enkele liefhebbers eerder gedaan. Reden te over om een verslag te schrijven over deze liefhebber met zijn duiven.

De liefhebber
Het moet de winter van 2018 of 2019 zijn geweest toen ik Sil van Vliet voor het eerst sprak. Hij was op de verkoop van Het Marathonduivenjournaal. Hij vroeg of hij een keer bij me langs mocht komen en dan ging hij ook naar Ede … naar Ben van Holland. Dat was een mooi combinatie-bezoek. Ik vond dat natuurlijk prima. Ik heb Sil leren kennen als een bescheiden liefhebber, die geniet van zijn duiven en de duivensport … zonder bla-bla. Wat ik persoonlijk grappig vind, is het feit dat Sil kijkt naar de kwaliteit van de duiven. Hij is niet ‘naam-ziek’. Dat komt niet zo heel vaak meer voor. Zijn beste duiven komen van liefhebbers die landelijk niet zo bekend zijn, maar wel kwaliteit herbergen. Niet veel later na onze kennismaking maakte Sil een prachtige uitslag op St. Vincent 2020. Tegen bijna 3.000 duiven pakte hij de 7e, de 9e en de 23e prijs. Hij had 10 duiven mee en 7 duiven hadden prijs die dag.
Wie is deze jonge topper? Sil van Vliet is inmiddels (nog pas) 24 jaar. Als je naar zijn leeftijd kijkt en naar de leeftijd van een groot deel van de duivenliefhebbers, zou hij bij wijze van spreken nog ‘in de luiers’ zitten, maar daarentegen doet hij iedereen ‘de baard af’. Duivensport is niet leeftijd gebonden en als je serieus met onze hobby bezig bent, dan kun je kampioen zijn op jonge leeftijd, maar ook als hij je de leeftijd hebt om ‘bejaard’ genoemd te kunnen worden.
Sil woont vanaf zijn geboorte in het Zuid-Hollandse Ter Aar. In het polderlandschap van Het Groene Hart. Wat doe je in het dagelijks leven, Sil? Onze topper vertelt: ‘Ik werk bij het Hoogheemraadschap van Rijnland. Dit is het plaatselijke waterschap en is vergelijkbaar met een gemeentelijke en provinciale organisatie. Alleen dan gaan wij over het afval en oppervlaktewater. Ik werk daar in de buitendienst en ben beheerder van gemalen, stuwen, inlaten en watergangen in de regio Nieuw-Vennep.’
Hoe ben je in de duivensport terecht gekomen? Sil: ‘In mijn familie zitten al heel lang duivenmelkers. Ik ben ze voornamelijk gaan houden, omdat mijn vader en broers ze al hadden. De eerste duiven waren vooral krijgertjes van liefhebbers uit de buurt. Later heb ik vooral veel duiven van Ben van Kempen gekregen. Dat was een liefhebber die ook in Ter Aar woonde en de marathon vloog. Naar ‘rassen’ kijk ik niet.

Op dit moment heb ik een goede kweekdoffer zitten: ‘De Elfpenner’. Deze doffer komt van Jan Lases uit het nabijgelegen Noorden. Die geeft veel goede jongen met verschillende duivinnen. De laatste jaren probeer ik elk jaar een paar nieuwe duiven te kopen voor op de kweek. Vaak zijn dat dan duiven uit bijzondere vliegers of kwekers.
Ik heb een zolderhok van ongeveer 8 meter. Ik heb afgelopen winter wel een nieuw hok gebouwd, maar blijf het komende jaar nog op het oude verblijf vliegen. Het is een oud hok die al enkele keren is verbouwd. De laatste verbouwing was op advies van Bennie van Dijk en is al weer enkele jaren geleden.’

De mooiste uitslagen van 2022
21e, 22e en 34e nationaal Agen JL tegen 6.174 duiven
8e, 9e en 24e nationaal Agen Oud tegen 6.019 duiven
54e nationaal Barcelona tegen 4.842 duiven
5e en 30e nationaal Narbonne tegen 6.260 duiven
4e en 7e nationaal Perpignan tegen 3.805 duiven

De eerste twee duiven van Perpignan
Sil vertelt over zijn 1e duif van Perpignan, 4e nationaal en de winnaar in het Fondunie 2000-concours: ‘Deze duif ik heb gekregen van Paul Scharleman uit Gouda. De middaglossing korf ik altijd in bij NIC de Snelvlucht te Bodegraven. Daar korft Paul ook altijd in en daar heb ik op de feestmiddag de bon van Paul gekocht. In het voorjaar mocht ik daar twee jongen uitkiezen. Eén was ik er vrij snel kwijt en de ander is ‘de 801’. ‘De 801’ heeft altijd middaglossingen gevlogen tot dit jaar. Op de middaglossingen had hij een paar middelmatige prijsjes. Toen ik van het voorjaar aan het bedenken was welke duiven er wel eens op Barcelona zouden kunnen heb ik ‘de 801’ uitgekozen. Voorheen geen topper, maar wel altijd prijs. Op Barcelona was het mijn derde duif met een staartprijsje, dat vond ik al erg knap. En nu op Perpignan zit hij gewoon super vroeg. Op Barcelona ingekorfd op jongen van een week en op Perpignan ingekorfd op 10 tot 14 dagen broeden (weet het niet precies uit me hoofd).’
‘De 947’ van 2020 won de tweede prijs in de Fondunie 2000 en de 7e nationaal tegen ruim 3.800 duiven. Sil vertelt: ‘Deze duif heb ik gekweekt uit 2 vliegduiven. De vader vloog een keer teletekst van sector 2 op St Vincent en heb ik gekweekt uit duiven van plaatsgenoot wijlen Ben van Kempen. De moeder was een hele goede vliegduif uit mijn topkweker ‘de Elfpenner’ (van Jan Lases). Jammer genoeg ben ik zowel de vader als moeder al verspeeld. Beide ouders hebben alleen maar middaglossingen gevlogen. ‘De 947’ heb ik dit jaar 3x gespeeld. Op Pau had hij een staartprijsje, op Tarbes zat hij al wat vroeger en op Perpignan nog iets vroeger. Ik vind het bijzonder knap dat een duif drie van die zware vluchten kan verwerken in één jaar. Echt weer een topper! Op Perpignan heb ik hem ingekorfd op eieren van 7 dagen.’

… wordt vervolgd …