Al jaren hangt op mijn duivenhok een bordje met bovenstaande tekst. Boven die woorden bevindt zich een geschilderde afbeelding van twee handen die een duif vasthouden. Een  duif die ingekorfd gaat worden, of beoordeeld wordt op zijn conditie. Misschien is ‘t een duivin die getoond moet worden aan  haar doffer. Wie zal ‘t zeggen! De fabrikant van  plankje  en schilderij is Dries van de Reisduif. Hij kan goed figuurzagen en is handig met verf en kwast. De woorden ‘Op Raokeldais’ moest hij er van mij onder penselen.

’Wat is dat voor geks en wat heeft ‘t met duiven te maken’, bromde Dries toen ik hem vroeg een bordje voor mijn kampioenshokje  te maken.

roakeldais edited

‘Raokeldais is Gronings,’; zei ik,’en het betekent: op goed geluk of God zegene de greep.’

‘Op goed geluk korf jij dus je duiven in, je doet maar wat, bedoel je,’lachte hij schuddebuikend.

’Om de dooie dood niet’, riep ik mijn plaagzieke reisduifman tot de orde. ‘Ik kijk mijn vliegers zorgvuldig na voor ze de mand in moeten.’

Dries knikte instemmend. En ik vervolgde mijn  verhaal met dat er toch altijd onzekerheid en twijfel overbleef en dat er een hoop mazzel bij dat duivengedoe kwam. Zo had ik eens uit besluiteloosheid twee jaarling duivinnen als laatste van de lijst mee gestuurd naar  Ruffec en Bergerac, Ze arriveerden in het holst van de nacht. Ik was met stomheid geslagen. Op die twee dames had ik echt niet gerekend. Ze waren immers op goed geluk uit hun broedhok geplukt.

’Maar het kan ook verkeerd uitpakken,’zei Dries die een en al oor leek te zijn.

‘Zeker’, zei ik, ’aarzeling was er bij het inkorven van mijn roemruchte oude 54 naar Dax.  Z’n neusdoppen waren niet helemaal 100% Ik zag hem dus nooit weer. Twijfel had ik ook bij de 80 die naar Munchen mocht. Hij was in topvorm; rond en stevig als een tennisballetje. Als je hem op de grond zou gooien kon hij  bij wijze van spreken stuiteren. Maar die tachtig was een vitesse duif en Munchen was toch wel erg ver. Drie keer zette ik hem terug in het hok; tenslotte ging hij toch mee en won dus een eerste.’

’Zo gaan we weer een beetje  opscheppen,’ informeerde de  figuurzaagspecialist die intussen televisie keek en nog maar half luisterde

’Ik zeg al niks meer,en je zou ook nog een vogelhuisje voor me zagen’ mopperde ik

op roakeldaisedited

’Het  verhaal van die Munchen – doffer heb je me al eens eerder uit de doeken gedaan, je wordt oud. En zo’n  mezenhokje krijg je. Ik zal er weer dat rare Roakel –woord van je  op zetten’, lachte de plankjesproducent.

C.U.