Soms zit het tegen en loopt alles in de soep. Een dag of tien terug komt mijn bonte 542 een uur te laat thuis van St. Vincent. Hij is gekoppeld met de Cahors duivin. Het echtpaar zit op stenen eieren. De echte eieren, die  nu elke dag zullen kunnen uitkomen, heb ik ter adoptie geschonken aan een duivenpaar in het kweekhokje. De 542 is op dinsdag naar Zuid-Frankrijk gereisd.  De eerste  anderhalve dag  heeft zijn vrouwtje nog braaf onafgebroken gebroed, maar een etage hoger zit  of staat een vrijgezelle jaarlingdoffer, de 26 heet hij, klagelijk en vol verlangen te roepen.  Dat vindt ze vervelend. Ze gaat hem troosten. De eieren laten haar koud en als haar bonte 542 man dan na dagen vermoeid thuisvliegt, treft die zijn nest onbeheerd aan. Dat is intriest. Wat moet die jongen daar nu mee aanvangen. Vlieg je me daar haast de veren van het lijf om na 1070 kilometer je huis  leeg en verlaten terug te vinden. En Miss Cahors, je mooie duivin, ligt op de derde verdieping  te rollebollen en te kroelen met een andere gast.  Die dan ook nog eens haar bloedeigen zoon blijkt te zijn; foei toch!  Het jaar daarvoor geboren, maar dat weet mevrouw zogenaamd niet meer! Diepe schande!

De treurnis is niet om aan te zien en dus ga ik het duivenhok uit om in huis een kop koffie te drinken en de uitkomsten van de vlucht nog eens te bestuderen. Daar word ik niet vrolijk van. Mijn 157 die een uur eerder dan die zielenpoot van een Bonte is gearriveerd, heeft nipt de allerlaatste prijs in de verenigingsuitslag gescoord en dat ook nog eens omdat er bij het klok afslaan niet genoeg prijsduiven blijken te zijn. Daarvoor krijg ik zoals later blijkt ook nog een fles wijn cadeau en dat komt bij al die droefheid goed van pas. Wanneer ik ’s avond nog even  in het duivenhok kijk, zit de 542 zorgzaam op zijn nep eieren. Ook de volgende twee etmalen zit de ongelukkige Sint Vincentdoffer trouw op zijn nest en vlak boven hem is het liefdesspel in volle gang.

Duivenverdriet Coredited

Halverwege de week komt clubgenoot Remco langs. Die wil ik consulteren. Twee van mijn jonge duiven zijn met gebroken poten en een gat in de borst thuisgekomen van een rondje in de buurt. R. die dierenartsassistent is, bekijkt de kwetsuren  met een deskundige blik en zegt:’ Niks aan doen. Het komt vanzelf goed en de tijd heelt alle wonden!’ Ik laat hem ook hem ook de in de steek gelaten 542 zien. ‘Schuif het arme beest een klein jonkie onder’, luidt zijn  advies’. Zo gezegd zo gedaan. De doffer accepteert het pleegkind en gaat het na een tijdje ook voeren. Alleen  om te eten en te drinken verlaat hij af en toe even haastig het nest.

Eergisteren heb ik het hok wat gekuist en daar zit me die vermaledijde Cahorsduivin  ook opeens weer op haar oude nest. Ze  kijkt niet om naar het jonge duifje, maar is intussen van twee verse splinternieuwe eitjes bevallen.  Voor de 26 in het bovenste hokje heeft ze  ogenschijnlijk geen belangstelling meer lijkt het, hoewel ze af en toe wel bij hem op visite gaat. Zo staan de zaken nu dus. Mijn bonte bedrogen en ongelukkige thuisvlieger zit op het adoptie jong, voert en vertroetelt dat. Miss Cahors broedt op haar nieuwe eieren. De Jonge 26 kijkt toe. Als die eieren ooit uitkomen, wat ik zeer betwijfel,  zullen het zijn duivenkindertjes  moeten zijn. Maar weet hij veel!

Duivenverdriet 3edited

Ja er gebeuren vreemde zaken in het wereldje van de duif. Gisteravond bijvoorbeeld meldt de Bonte Slotboom zich bij mij  voor de zoveelste keer voor Bed and Breakfast. Dat is een blauwe witpendoffer uit Utrecht. Misschien is hij naar Aurillac, Bordeaux of Bourges geweest. Telkens als er een zware vlucht is geweest, komt meneer langs voor eten, drinken en een slaapplaats. Met de liefhebber uit de Domstad heb ik dan telefonisch contact. De doffer schijnt trouwens ook een logeeradres in Almere of Lelystad te hebben is mij verteld. De volgende dag vertrekt hij meestal weer direct, behalve als het soepweer is en het pijpenstelen regent zoals vandaag.

 

©c.u.